Advies 2015 Adviesraad Wmo verschillen Wmo 2007 - 2015

Punten voor het Wmo beleidsplan op basis van de verschillen tussen de oude Wmo (2007) en de nieuwe Wmo (2015)

1. Sinds 1 januari 2015 heeft het Gemeentelijke domein te maken met 3 nieuwe afzonderlijke wetten: Wmo 2015, Jeugdwet en de Participatiewet.

Deze 3 wetten kennen echter weer veel overlappingen. Sterker nog, er zullen zich heel vaak situaties voordoen, waarop alle 3 wetten van toepassing zijn.
Het is daarom essentieel, dat er in het beleidsplan en de verordening verbindingen worden gelegd tussen de 3 wetten. "Ontschot de wetten"! Verbinden!
Voorkomen moet worden, dat juist door 3 afzonderlijke wetten er weer heel veel    hulpverleners op de bank komen te zitten in probleemgezinnen. Een generalist voor het gesprek, denk daarbij aan de uitvoeringsorganisatie en de wijkteams in de Jeugdzorg nieuwe stijl, kan daarin een prima rol spelen.

 

2. De maatwerkvoorzieningen in de Wmo 2015:

Deze houden zondermeer in, dat geen enkele mogelijke voorziening wordt uitgesloten.
De keuze voor maatwerk, we zeggen het nog maar weer eens, is tevens kiezen voor het einde van collectieve rechten en regelingen. Wel kunnen in een maatwerkvoorziening een of meerdere collectieve voorzieningen zitten.
Begeleiding, beschermd wonen of opvang zijn onderdeel van de wet. Wat en hoe de gemeente hier invulling aan geeft moet opgenomen worden in het beleidsplan.

 

3. Het behalen van resultaten moet worden beschreven:

Dus geef antwoord op de vraag:"Wat willen we wanneer bereiken?" Er moet elk jaar naar de burger toe worden gerapporteerd hoe de stand van zaken is, met betrekking tot de te behalen resultaten. Gaat er iets niet naar wens, of wordt het resultaat niet of niet geheel gehaald, of zijn beleid en uitvoering niet met elkaar in overeenstemming, dan moeten er verbeterplannen worden gemaakt! Niet doormodderen, maar repareren! Nodig is dan ook een Interne Kwaliteitsborging.

 

4. Jeugdzorg voor jeugd van 18+:

Het feit, dat de jeugd van 18+ zorg moet worden geboden geeft al aan, dat het aanmaken van verbindingen tussen de 3 wetten evident is, om adequaat en efficiënt zorg te kunnen aanbieden, bij overgang naar een ander zorgregime binnen een andere wettelijke regeling.

 

5. Eigen bijdrage:

Er kan worden bepaald, dat een cliënt een zekere eigen bijdrage verschuldigd wordt. Maar juist door de verschillende wetten en maatregelen, ligt het gevaar van stapeling van eigen bijdragen, op de loer. Dat mag niet gebeuren!Er moet worden vastgesteld, wat de maximale eigen (redelijke) bijdrage kan zijn, in relatie tot het inkomen.

 

6. Persoons Gebonden Budget:

Het PGB en de spelregels daarbij moeten door de gemeente worden ontwikkeld.
De Adviesraad Wmo zou nog kunnen adviseren in dezen.

 

7. Termijnen van melding en onderzoek:

De Wmo 2015 geeft de gemeente tamelijk veel tijd, om een melding te gaan onderzoeken (keukentafel gesprek) en vervolgens een beschikking betreffende de zorgvraag, te slaan. 6 weken totaal is onzes inziens veel te lang!
Zeker voor acute gevallen moeten direct passende maatregelen kunnen worden getroffen. En die maatregelen moeten in een later stadium worden geëvalueerd, eventueel bijgesteld en in een beschikking worden beschreven.
Los van deze kritische kanttekeningen is het wel van belang, of het nu 6 weken duurt of korter, dat de burger hieromtrent duidelijk wordt geïnformeerd.

 

8. Mantelzorg:

Bevordering van mantelzorg en vrijwilligerswerk wordt nadrukkelijk genoemd in de wet. Zolang mogelijk thuis blijven wonen betekent meer mantelzorg. Meer inzetten op respijtzorg is van belang om overbelasting van mantelzorgers te voorkomen.


9. Cliëntenparticipatie:

Wat hierover in de nieuwe Wmo staat heeft (of kan) direct invloed hebben op de  huidige werkwijze van de Adviesraad.
En in feite is "het consulteren van de achterban" naar de achtergrond geschoven en kunnen we ons afvragen of de Adviesraad Wmo nog past in het plaatje van cliëntenparticipatie  en daardoor in de huidige samenstelling nog wel een lange toekomst gegeven is. Hoe ziet de Gemeente de rol van de Adviesraad Wmo in de toekomst?
En, wanneer de Adviesraad een gewenste rol blijft vervullen, is dit dan wellicht het moment om in intergemeentelijk overleg in deze regio, eens na te denken over een wat meer uniforme werkwijze van de 3 adviesraden Wmo, bij voorkeur naar voorbeeld van de Adviesraad Wmo Terneuzen.

 

10. Inkoop kwaliteitseisen:

Bij inkoop van zorg en ondersteuning is het van belang een eisen voor adequaat kwaliteitsborgingssysteem bij de leveranciers in de contracten op te nemen.

 

Dit zijn de belangrijkste veranderingen tussen Wmo 2007 en Wmo 2015.
Het verdient aanbeveling om over deze veranderingen, in combinatie met eerder uitgebrachte adviezen, eens van gedachten te wisselen met de betrokken ambtenaren van de gemeente Terneuzen, in de aanloop naar het schrijven van beleidsplan en verordening.

 

Terneuzen,  4 februari  2015