Stookontheffing

U mag geen vuur stoken in de open lucht en/of afval verbranden. Rookwaren en kaarsen zijn wel toegestaan, tenzij er een rookverbod is ingesteld. Vuur voor bakken en braden is alleen toegestaan als dit niet gevaarlijk is voor de omgeving.

Op grond van de Wet milieubeheer geldt er zowel voor particulieren als bedrijven een algemeen verbod om zich van afvalstoffen te ontdoen door deze te verbranden. Alleen in zeer uitzonderlijke gevallen kan er een ontheffing worden verleend voor het verbranden van slootmaaisel of snoeihout.

Alternatief

Er bestaan voldoende andere manieren van verwijdering en verwerking die minder overlast veroorzaken en milieuvriendelijker zijn. Organische afvalstoffen kunnen bijv. worden versnipperd, gecomposteerd of worden ingeleverd bij de milieustraat. Particulieren hebben daarnaast de mogelijkheid om gebruik te maken van de grofvuilregeling. Ga voor meer informatie naar het product snoeiafval.

Voorschriften

Om gevaar en overlast voor de omgeving te beperken, worden er de volgende voorwaarden aan de ontheffing verbonden:

  • de stooklocatie mag niet binnen de bebouwde kom (zoals die op grond van de wegenverkeerswetgeving is begrensd en aangewezen) liggen
  • het is niet toegestaan om te stoken bij smogfase twee en drie
  • het verkeer en omwonenden mogen geen overlast ondervinden van het stoken
  • alle omwonenden worden tijdig door u op de hoogte gesteld
  • het is niet toegestaan om te stoken op een wijze, dat gevaar ontstaat voor overslag van het vuur
  • de stookplaats dient ten minste op een afstand van dertig meter te zijn gelegen van een gebouw van derden of een opstapeling van oogstproducten en op een afstand van ten minste honderd meter van een bos of van een natuurgebied
  • de stooklocatie moet ten minste één meter vanaf de (openbare) weg of vanaf de insteek van een sloot zijn gelegen
  • het stoken is niet toegestaan op bermen van wegen en (taluds van) dijken en watergangen
  • het vuur moet onder toezicht staan van een meerderjarig persoon
  • alle aanwijzingen en bevelen van brandweer, politie en daartoe bevoegde ambtenaren dienen onverwijld en nauwkeurig te worden opgevolgd
  • de houder van de ontheffing is aansprakelijk voor alle schade, ontstaan tengevolge van het gebruikmaken van de ontheffing
  • bezoekers mogen alleen bovenwinds staan opgesteld op een afstand van minimaal 5 meter van de vuurhaard
  • het te verbranden materiaal mag uitsluitend bestaan uit schoon hout of (indien aangegeven) slootmaaisel
  • het gebruik van andere vervliegende of snel ontvlambare stoffen, zoals bijvoorbeeld benzine of petroleum, is in zijn geheel niet toegestaan
  • het terrein en de directe omgeving dient te allen tijde bereikbaar en toegankelijk te blijven voor hulpverleningsdiensten
  • het (kampvuur)terrein en de omgeving dient 24 uur na beëindigen van de verbranding in de oorspronkelijke staat te zijn teruggebracht. De resten dienen te worden afgevoerd naar een erkend verwerker
  • het verbranden van slootmaaisel mag uitsluitend plaatsvinden binnen de periode van 1 september tot 1 maart
  • het verbranden van snoeihout mag uitsluitend plaatsvinden binnen de periode 1 januari tot 1 mei

Een ontheffing moet ieder jaar opnieuw worden aangevraagd. Een kopie van de ontheffing wordt gezonden aan Politie Zeeland.

Aanvraag

Klik op het aanvraagformulier onder het kopje 'Direct regelen'. Aan het in behandeling nemen van de ontheffing zijn kosten verbonden.
Doe uw aanvraag minimaal 8 weken van te voren. U heeft hiervoor eHerkenning of DigiD nodig.

Wilt u vuur stoken tijdens een openbaar evenement zoals een kerstbomenverbranding of een paasvuur? Kijk dan op vuur stoken bij een evenement.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met team Vergunningen en Handhaving, tel 14 0115.